Na afblazen Barbie-film in Frankrijk: hoe ver laten we religieuze claims reiken?
Dat de burgemeester van een voorstad van Parijs vorige week onder islamistische druk de vertoning van de film Barbie heeft afgeblazen, is een waarschuwing aan liberale westerse samenlevingen, meent Dina-Perla Portnaar. „Het zou naïef zijn om te denken dat dit niet in Nederland kan gebeuren. Als we hier geen streep trekken, verliezen we stap voor stap de vrijheid die onze democratie juist zou moeten beschermen.
In het Franse Noisy-le-Sec liep een zomerse filmavond volledig uit de hand. Buurtbewoners mochten stemmen welke film in de openlucht vertoond zou worden. De keuze viel verrassend genoeg op Barbie. Maar nog voor het doek omhoog kon, moest de vertoning worden afgeblazen. Vijftien religieuze jongeren dreigden met geweld. De film zou homoseksualiteit ’promoten’ en vrouwen ’verkeerd neerzetten’.
Het Openbaar Ministerie in Bobigny onderzoekt de bedreigingen. Het voorval legt een fundamenteler probleem bloot. Hoe stevig staan onze vrijheden nog als een film over een pop al een explosie van intolerantie kan veroorzaken.Onderzoek naar afgelaste filmvertoning Barbie na dreigementen in Frankrijk
Het is meer dan een akkefietje rond een roze blockbuster. Hier staat de vrije toegang tot cultuur op het spel. Dat een kleine groep jongeren meent de publieke ruimte te mogen claimen en de meerderheid hun keuze te ontzeggen, is niets minder dan een aanval op het fundament van de democratie.
Vrije cultuur Is een grondrecht
Vrije cultuur is geen luxe of privilege voor wie zich conformeert aan religieuze dogma’s. Het is een grondrecht. Als zelfs Barbie verboden terrein wordt, dan weten we dat het patriarchaat en religieus extremisme nog springlevend zijn.
Dit voorval laat zien hoe diep de kloof is tussen moderne, liberale waarden en religieuze overtuigingen. Waar de meerderheid kiest voor plezier en diversiteit, claimt een kleine minderheid het recht om dat te verbieden. Dit is geen Frans probleem alleen. Overal in Europa zien we spanningen rond religie, gender en (vrouwelijke) seksualiteit.
’Ernstige aanval op culturele activiteiten’
De Franse ministers van Cultuur en Gendergelijkheid spraken van ’een ernstige aanval op culturele activiteiten’. Linkse stemmen waarschuwden meteen voor politieke instrumentalisering door rechts.Prof. Jan Latten: „Politici en media die niet eerlijk benoemen waar het op staat, voeden wantrouwen en polarisatie”
Maar wie goed kijkt, ziet dat het hier niet om links of rechts gaat. Het gaat om de vraag: wie bepaalt de norm in de publieke ruimte?
Het voorval roept ook een ongemakkelijke waarheid op. Elke religie kent mechanismen van dwang, controle en uitsluiting. Bij islamitische jongeren zien we die nu op straat, maar vergelijkbare patronen bestaan ook in ultraorthodoxe joodse, christelijke en zelfs boeddhistische gemeenschappen. Wie vrijheid en humanisme hooghoudt, moet die dwang overal afwijzen.
Nederland is geen Frankrijk. Maar we zouden naïef zijn om te denken dat dit hier niet kan gebeuren
Nederland is geen Frankrijk. Maar we zouden naïef zijn om te denken dat dit hier niet kan gebeuren. In steden zoals Amsterdam en Rotterdam bestaan al spanningen over religieuze normen in de publieke ruimte. Vaak wuiven we die weg met verwijzingen naar diversiteit of multiculturaliteit. Maar het Barbie-voorval laat zien hoe snel vrijheden in de knel komen als de politiek wegkijkt.
Hoe ver laten we het komen?
De echte kwestie is daarom: hoe ver laten we religieuze claims reiken in een samenleving die pluraliteit en vrijheid zegt te koesteren? Hoe lang accepteren we dat intimidatie en dreiging bepalen wat wel en niet kan in de openbare ruimte?
Het antwoord zou glashelder moeten zijn. Geen enkele groep – religieus of ideologisch – mag opleggen welke films, boeken of meningen er mogen zijn.

